‘Ze horen toch bij elkaar!’ – huiselijk geweld in de supermarkt

Pas geleden was ik in de supermarkt getuige van huiselijk geweld. Een man deed erg dreigend naar een vrouw met 3 kleine kinderen. Hij schreeuwde tegen haar en de vrouw zag er angstig uit. Ik zei tegen de man dat hij dit niet moest doen. Een andere klant van de supermarkt viel mij bij. De man ging vervolgens tegen mij tekeer. Ik zei de man dat hij op moest houden en dat ik de politie zou bellen. Ik vroeg aan de kassamedewerker of hij de politie wilde bellen omdat een klant agressief was tegen een vrouw met 3 kinderen. De medewerker belde niet en zei ‘ze horen toch bij elkaar’. Ik heb de vrouw gevraagd of ze het goed vond dat ik de politie belde. De vrouw vond dat goed en was inmiddels in tranen. Inmiddels was een andere medewerker wel in actie gekomen en had meneer verzocht om weg te gaan. Mijnheer stond in het zicht mevrouw in de hal op te wachten.

Ik kon niet verstaan wat de agressieve man allemaal zei op het moment dat hij tegen de vrouw tekeer ging omdat ik zijn taal niet sprak. Maar het was klip en klaar dat het erg dreigend was. Van een omstander die zijn taal wel sprak begreep ik later dat hij de vrouw met de dood had bedreigd.

Totdat de politie er was bleven de andere klant en ik bij de vrouw en kinderen. Bij de inpaktafels, vlakbij de uitgang. Niet op een veilig rustig kantoortje ofzo. De politie heeft gezorgd dat mevrouw veilig naar huis kon. (deze man woonde niet bij deze vrouw, de moeder van een van haar kinderen). En heeft nog even naar de man gezocht die inmiddels gevlogen was.

De volgende dag ben ik naar de supermarkt gegaan en heb met de manager deze situatie besproken. Ik vond de reactie van de supermarkt erg ongepast en onveilig bovendien. Er werden allerlei smoesjes aangehaald. Dat het in deze cultuur normaal zou zijn om op een dergelijke manier met elkaar te communiceren. En dat de medewerker had verstaan dat er niks aan de hand was, terwijl hij op flinke afstand kassa aan het draaien was. Uiteindelijk heeft de manager aangegeven een en ander nog eens goed met de medewerker door te nemen bij een kop koffie.

Wat een onnodig gebrek aan adequaat handelen,  warmte en begrip naar deze klant (en kinderen!) in nood.  Bovendien: geweld is nooit acceptabel, ook niet als mensen bij elkaar horen.

Heb vele vragen: wordt deze mensen hulp aangeboden? Of is de kous nu afgedaan? Kan zijn dat deze vrouw geen aangifte wil doen, maar gaat er dan wel enige zorg uit naar deze vrouw en kinderen? Ik vermoed dat dit niet de eerste keer is dat dit gezin dergelijke dingen meemaakt. De kinderen waren getuige dat hun moeder met de dood werd bedreigd! De politie is nu op de hoogte, zetten zij nu meteen een en ander in gang met betrekking tot de kinderen? En welke lessen trekt de supermarkt?

images

Advertenties

Ouderraad bedoel je?

Regelmatig kom ik instellingen in de Jeugd sector tegen die zeggen een cliëntenraad te hebben. Deze instellingen wekken dan de indruk dat ze bijvoorbeeld een jongerenraad hebben. Staat op de website te lezen, of in een folder. Soms wordt het ook gezegd. Een raad met echte jongeren denk je dan die de organisatie adviseren vanuit hun jeugdige perspectief. Jongeren en kinderen die cliënt zijn bij deze instelling. Die weten hoe het is om problemen te hebben. En die vanuit die ervaring een zinvolle bijdrage kunnen leveren aan het beleid van de instelling. Fantastisch als dat het geval is…

Echter; in de praktijk blijken niet al deze ‘cliëntenraden’ daadwerkelijk te bestaan uit jeugdige cliënten. Vaak blijkt het om ouders van jeugdige cliënten te gaan. Ouders die weliswaar ook cliënt van de instelling zijn omdat hun kind daar in zorg is.  Soms zijn deze volwassenen zelfs geen ouders van een kind in zorg, maar betrokken volwassenen die hart voor de jeugd hebben. Daar is niks mee en het is heel fijn dat deze mensen zich inzetten om de zorg aan jeugdigen te verbeteren. Ik vind een ouderraad een heel nuttig iets, het is ook heel belangrijk dat ouders betrokken worden en ook mee kunnen praten over de zorg aan kinderen. Maar: noem het dan geen jongerenraad of cliëntenraad. Maar zeg als instelling gewoon dat je een ouderraad hebt, of familieraad. Dat is wel zo duidelijk.

Het ouderperspectief of het familieperspectief kan hele relevante adviezen geven, maar wel vanuit het ouderperspectief. En zo moeten instellingen er ook mee omgaan. Alleen jeugdigen zelf kunnen aangeven wat zij zelf vinden.  Dan kunnen ouderraad en jongerenraad elkaar op een aantal fronten zelfs goed aanvullen.Image

En als het je als instelling nog niet gelukt is om medezeggenschap door jeugdige cliënten zelf te organiseren, zeg dat dan gewoon eerlijk. En kijk wat er voor nodig is om dat ook te kunnen realiseren!

Informatie armoede

Nu ik zwanger ben krijg ik te maken met allerlei zorgverleners en procedures. Het laat me weer even ervaren hoe het is om wat betreft informatie afhankelijk te zijn van wat er toevallig aangereikt wordt.  En hoe belangrijk goede en volledige informatie is.

Keuzes maak je door alles af te wegen. Wat je voelt en misschien zelf al weet en ervaren hebt. Maar ook wat je aan informatie leest of wat je verteld is. Dit maakt het des te belangrijker dat je zo goed en volledig mogelijk geïnformeerd bent.  Immers je zult niet zo snel vragen naar iets waarvan je het bestaan niet weet.

Er is tegenwoordig over zoveel zaken zoveel informatie te krijgen. En toch maken heel veel mensen keuzes gebaseerd op onvolledige informatie. Of ziet men door de informatiebomen het bos niet meer. Je kunt natuurlijk niet altijd alles weten, dat begrijp ik ook wel. Maar instanties en zorgverleners zouden zich hiervan wel meer bewust moeten zijn en aandacht voor moeten hebben. Bovendien heb je bij veel bealngrijke beslissingen vaak helemaal geen tijd om je er uitgebreid in te verdiepen en op informatie-zoektocht te gaan.

Tijdens mijn zwangerschap struikel ik over de concrete voorbeelden; Bijvoorbeeld bij het gebruik van de doptone: er zijn erg verschillende berichten over het gebruik van de doptone (om het hartje van de baby te luisteren). De wetenschap is er nog niet uit of de geluidsgolven schadelijk zijn voor je kindje. Dit wist ik niet! Ik had graag gewild dat de verloskundigen mij dit hadden verteld alvorens het apparaat op mijn buik te zetten. Zodat ik zelf de keus had kunnen maken om met een houten toeter naar het hartje te laten luisteren. Pas toen ik dit zelf in een boek had gelezen schrok ik hiervan en heb gevraagd of ze voortaan de houten toeter wilden gebruiken.

Vaak zijn er ook prima alternatieven en hulpmiddelen voor officiële medicijnen.  Soms ook kan het helpen om even helemaal niks te doen en te wachten. Deze ‘andere’ keuzes worden je in de medische wereld vaak niet aangereikt. Als men bijvoorbeeld weet dat je tijdens een bevalling veel baat kan hebben bij een bad, waarom wordt dit dan niet standaard aan iedereen aangereikt in een ziekenhuis?

Ik mis zoveel zaken als ik de standaard folders en brochures bekijk. Waarom geven die zo’n eenzijdig beeld? De echt goede boeken waar ik betreft mijn zwangerschap echt wat aan had zijn toevallig op mijn pad gekomen. De informatie die ik daarin las had ik voor geen goud willen missen en heeft mijn visie op bevallen erg gevormd. (‘Vrije geboorte’ en ‘Gentle birth, gentle mothering’).

Natuurlijk heb je zelf een verantwoordelijkheid in het tot je nemen van informatie die bij je past. Maar het kan je wel veel tijd, energie en teleurstelling besparen als hier vanuit instanties, zorgverleners en overheid meer aandacht voor is. De informatie die je bijvoorbeeld in een ziekenhuis krijgt is al zoveel afgestemd op de zienswijze van het ziekenhuis, waardoor je soms niet altijd in staat wordt gesteld om weloverwogen keuzes te maken. Daarbij speelt vaak ook nog een rol dat je erop vertrouwt en ervan uitgaat dat je de juiste en volledige informatie krijgt.

Voor cliëntenraden zou kwalitatieve en vollediger informatie dan ook een belangrijk speerpunt moeten zijn. Immers pas dan worden cliënten in staat gesteld om zelf weloverwogen keuzes te maken over hun eigen leven. Veel meer dan wat je toevallig krijgt aangereikt of op je pad komt, of waarvan een ander denkt dat het goed voor je is.

Ik ken een meisje…

In mijn stad leeft een meisje van mijn leeftijd. We hebben op dezelfde basisschool gezeten. Dit meisje is al jaren dakloos. Toen ze mij een keer om geld vroeg hebben mijn vriend en ik haar meegenomen naar de shoarmaboer (toen at ik nog vlees…), Ze moest even wennen toen we haar vroegen wat met ons te eten. Ze had erg veel trek en dorst. Al gauw was ze meer op haar gemak en zaten we flink te kletsen. Ik zei dat ik haar kende van de basisschool. En na wat uitleg wist zij het ook weer.

Ik vertelde haar dat ik een aantal jaar in de maatschappelijke opvang had gewerkt en dat ik nu actief was in het ondersteunen van  belangenbehartiging van dak- en thuislozen. Zij vertelde dat ze al jaren dakloos is, en verslaafd.  Haar leven is altijd heel erg moeilijk geweest.  Ondanks veel ellende gaat er een enorme zachte kracht van haar uit.

Met deze zachte kracht maakte ik nader kennis toen we met GroenLinks te gast waren in de nachtopvang.  Voor veel GroenLinksers was dit de eerste keer dat ze nader kennismaakte met dak- en thuislozen.  Een mijnheer was opgefokt en ging uit z’n dak tegen een van de vreemde gasten. Dit meisje greep in op een zachte krachtige manier. De man kalmeerde en de GroenLinkse gasten voelden zich weer veilig.

Toen ik in de binnenstad woonde scharrelde ze regelmatig door mijn straat, het hoofd op de grond gericht, op zoek naar geld of peukjes. Ze vroeg me eens wat te drinken, maar durfde toen niet binnen te komen.  Als ze me ziet is ze altijd heel attent. Vraagt hoe het met mijn dochter en mijn vriend gaat en doet ze de groeten.  Regelmatig hoor ik een enthousiaste ‘Hi Jenny’ als ik weer eens hard door de stad fiets.

Onlangs kwam ik haar weer tegen bij het station, waar ze wel eens  een AA-tje van me krijgt. Ik vond dat ze er goed uitzag. Ze zei dat dat kwam doordat ze had vastgezeten. Ze heeft inmiddels gelukkig al een tijdje een vaste plek in een sociaal pension. Ze wil al jaren naar een zorgboerderij ver weg van de randstad, maar om allerlei redenen lukt dat niet.  Ze kan er bijvoorbeeld pas heen als ze clean is. Als ze eens clean is en uit de afkick kliniek komt, dan valt ze altijd weer in een gat. Is er geen voldoende stevig vervolg voor haar. Waardoor ze in no time weer verslaafd is.  Ze geeft ook aan dat ze hulp nodig heeft, maar krijgt dit onvoldoende en niet op het moment dat dit het hardste nodig is. Ze heeft de wil om een gezond leven te leven. Ze heeft alleen de juiste steun en het vertrouwen nodig om daar te geraken.  En wil niet behandeld worden als iemand waar geen eer meer aan te behalen is. Ieder mens is het waard om de steun te krijgen die het wil en nodig heeft.

Ze wil heel graag moeder worden maar weet dat dat nu niet kan. Het raakt me als ik zie hoe blij ze voor me is als ik haar vertel over de baby die in mijn buik groeit. Ik hoop dat ik ooit zo blij voor haar kan zijn.

Mooi voorbeeld: jongeren reiken Gouden Oor prijs uit

De cliëntenraad van GGZ Kinderen en Jeugd Rivierduinen heeft de vertrekkend directeur een mooi afscheidscadeau gegeven.  Hij kreeg uit handen van de jongeren de ‘Gouden Oor prijs’. Omdat hij jarenlang erg goed naar de jongeren geluisterd heeft. En als geen ander het belang van medezeggenschap door jongeren heeft uitgedragen binnen en buiten de eigen organisatie.  Hij vertelde dat hij de inbreng van de jongeren nodig heeft om zijn werk goed te kunnen doen en om de organisatie scherp te houden. De jongeren van de cliëntenraad brengen zaken aan de orde die anders niet gezien worden.  De jongeren voelden zich erg serieus genomen, gezien en gehoord.

De cliëntenraad zal voortaan jaarlijks een gouden oor gaan uitreiken aan iemand die goed naar de jongeren in de Jeugd GGZ geluisterd heeft.  De jongeren hopen hiermee een positieve stimulans te geven en positief aandacht te vestigen op het belang van aandacht voor de stem van de jonge cliënt.

Onze jongeren heeft het heel veel complimenten opgeleverd. Een jongere heeft zelf een geweldige toespraak gehouden. 2 meiden hebben in het creatieve therapie-atelier een mooi oor in elkaar geknutseld. We hebben een bericht op Intranet geplaatst zodat iedereen kon zien dat we de directeur in het zonnetje hebben gezet. En natuurlijk hebben we gezorgd dat het een grote verrassing was! De directeur was blij verrast, nam het oor stralend in ontvangst.

Dit mooie voorbeeld kan prima worden overgenomen door andere cliëntenraden in het land! Bedenk je eigen prijs. Knutsel iets moois met elkaar en maak er een feestje van!  Het werkt heel stimulerend om aandacht te hebben voor wat goed gaat, daar bij stil te staan en blij mee te zijn.


Home sweet home

Momenteel heb ik geen bewoonbaar eigen huis. Ik ben te gast in het huis van ex. Heb de huur opgezegd van mijn huurhuis. Om zo geld uit te sparen voor klussen aan het schip wat ik met m’n lief gekocht heb, waar we eerdaags op gaan wonen. Het duurt nog een hele tijd voordat ons schip bewoonbaar gaat zijn. We hebben alles eruit gesloopt om een goede basis te kunnen realiseren. Er is daar nu helemaal niks, geen sanitair, geen verwarming en zelfs geen isolatie, dus het is ijskoud in het metalen scheepsruim.

Heel fijn natuurlijk dat we tijdelijk in het huis van ex mogen. (ex is in de tropische zon aan het werken aan zijn breinbrekerboek). Dochterlief is hier thuis, heeft haar kamer en vriendinnen bij de hand. Maar mijn huis is het niet meer. Ik leef tussen andermans spullen in andermans sfeer. Een deel van mijn spullen staat bij mijn schoonmoeder op zolder. En heel veel zaken heb ik weggedaan.  Ook heb ik wat zaken opgeslagen in de meubelmakerswerkplaats van m’n lief. Eerdaags moeten we hier weer weg en gaan we naar de volgende tijdelijke oplossing totdat ons droomschip bewoonbaar is geklust.

Ik had gedacht dat dit alles wel zo efficiënt was qua financiën. En dat ik dat allemaal wel zou trekken. Ik ontdek nu wel een hoop nieuwe dingen aan mezelf! Ik vind het namelijk heel lastig dat ik geen eigen plekje voor mezelf heb. Een plekje wat helemaal is zoals ik dat fijn vind. Het maakt dat ik moeilijk op kan laden. Niet lekker in mijn vel zit. En dat soort dingen meer.

Dit doet het dus met mij dat ik tijdelijk geen eigen plek heb. Ik realiseer me dat ik niks te klagen heb in een warm huis met elke dag een gezonde maaltijd. En heel veel liefde om me heen.  En bovendien uitzicht op gaan wonen op ons droomschip. Ik besef des te meer hoe belangrijk het is een fijn thuis te hebben.  Helemaal jouw eigen veilige fijne plekje. En sta weer eens goed stil bij alle mensen die dat om wat voor reden niet hebben. En die meestal ook geen uitzicht hebben op een toekomstig fijn thuis.

Image

Gebruiksruimten

Gelukkig ontstaan op steeds meer plekken in Nederland gebruiksruimten. Plekken waar mensen met een verslaving veilig, warm, schoon en droog kunnen gebruiken. Belangrijke doelstellingen zijn het beperken van gezondheidsschade bij drugsgebruikers en het verminderen van overlast.

Instellingen voor Maatschappelijke Opvang, verslavingszorg en gemeentes buigen zich al jaren over het onderwerp gebruiksruimten. Soms gaat men hierover in gesprek met ervaringsdeskundigen die weten waar zij over praten. Soms worden cliënten, ervaringsdeskundigen en cliëntenraden geheel niet betrokken bij beslissingen en discussies rondom gebruiksruimten.  Dat is jammer want zij zijn juist dè deskundigen die een relevante inbreng kunnen hebben bij het bespreken van dit soms best ingewikkelde onderwerp.

Ervaringsdeskundigen kunnen uit eigen ervaring uitleggen waarom een gebruiksruimte bij kan dragen aan een betere kwaliteit van leven.  Iets wat uiteindelijk alle mensen willen.  Ook kunnen zij vooroordelen uit de wereld helpen door mensen meer kennis en begrip bij te brengen over leven met een verslaving.

Het Trimbos instituut heeft een update gemaakt van een reeds in 2002 ontwikkelde handreiking ‘Gebruiksruimten in Nederland’. Deze handreiking geeft veel inzicht in de werkwijze en het nut van gebruiksruimten.  De handreiking is gratis te downloaden. 25 november 2011 organiseert Stichting Mainline een interessante mini-conferentie over ‘Harm reduction’ waar Agnes van der Poel van het Trimbos instituut de handreiking toe zal lichten.

Het valt mij op dat er online weinig actuele kennis te vinden is over gebruiksruimten. Vandaar dat ik op deze manier deze nuttige handreiking extra onder de aandacht wil brengen. Zodat gemeentes, instellingen, Wmo-raden en cliëntenraden deze informatie ook kunnen en gaan gebruiken bij beslissingen in hun eigen gemeente of instelling over gebruiksruimten.