Categorie archief: Overige

Cliëntenraden haal meer uit je jaarverslag!

010

Het is weer de tijd van het jaar dat cliëntenraden hun jaarverslag presenteren. Een cliëntenraad in de Jeugd GGZ maakt sinds een aantal jaar een jaarverslag op een grote poster. Deze poster hangt op groot formaat in alle wachtkamers. Zodat de ambulante cliënten goed zien waar de cliëntenraad allemaal mee bezig is. De poster is in een paar minuutjes tijdens het wachten te lezen. Veel behandelaars vinden de posters zo leuk dat zij hem ook op hun kantoor hangen. Als je te maken hebt met voornamelijk ambulante cliënten vindt men het vaak erg lastig om contact te krijgen met de achterban. De wachtkamer, de hulpverlener en de website zijn belangrijke plekken waar cliëntenraden in contact kunnen komen met hun ambulante achterban. Een posterjaarverslag kan daarbij helpen. En natuurlijk is een dergelijke poster de trots van het kantoor van de directeur!

Het is ontzettend belangrijk dat cliënten goed weten waar hun cliëntenraad mee bezig is. Een cliëntenraad doet namelijk belangrijk werk voor alle cliënten. Een manier om mensen te informeren over het werk van de cliëntenraad  is via een jaarverslag. Een dik pak papier gaat de gemiddelde jongere niet lezen. Het is ook nuttig als hulpverleners goed weten wat de cliëntenraad allemaal gedaan heeft. De jongeren bespreken met elkaar wat er in het jaarverslag moet komen en hebben de leuke tekeningen ook zelf gemaakt. Zo wordt een jaarverslag ineens een stuk aantrekkelijker om te lezen.  Als men weet wat je doet is men ook veel eerder geneigd om input te geven of om zich aan te sluiten bij de cliëntenraad. Dus meteen handig voor je wervingsactiviteiten!

Wil je ook zo’n leuk en overzichtelijk jaarverslag maken? Hier volgen wat tips:

  • Bepaal welke informatie in het jaarverslag moet.
  • Maak ook een tekstje met algemene info over de cliëntenraad.
  • Werf meteen nieuwe leden.
  • Vraag hulp aan de communicatie afdeling.
  • Zorg dat je een vast sjabloon hebt waar je elk jaar je verse informatie in kan zetten.
  • Maak tekeningen of foto’s die passen bij de onderwerpen.
  • Samen een middagje tekeningen maken is hartstikke gezellig.
  • Bied het eerste exemplaar feestelijk aan. (Cliëntenraad is weer even positief in beeld).
  • Ga na hoeveel je er nodig hebt, een hele grote poster is niet goedkoop.
  • Zorg dat het jaarverslag op zoveel mogelijk plekken hangt. Je kunt in de wachtkamers de posters in een nette wissellijst hangen. Zorg dat de posters op een goed zichtbare en bereikbare plek hangen.
  • Op A3 geprint met een kleurenprinter kun je ook veel posters printen die je uitdeelt als je bijvoorbeeld afdelingen bezoekt.
  • Je kunt de poster ook op de website plaatsen en per mail aan je netwerk sturen.
  • Hang natuurlijk een poster in het kantoor van de cliëntenraad!
  • Kijk naar je mooie poster en wees trots op wat de cliëntenraad allemaal bereikt heeft!

Hier kun je een voorbeeld zien van een posterjaarverslag. Veel succes! Ben benieuwd hoe andere cliëntenraden meer uit hun jaarverslag halen.

GGZ KJ_poster A2 jaarverslag 2013

Kafkaëske toestanden

castle

In 1922 schreef Franz Kafka Das Schloss, waarin de hoofdpersoon wanhopig toegang probeert te krijgen tot het slot. Ik kan me het beklemmende wanhopige gevoel wat dit boek mij gaf nog goed voor de geest halen. Een gevoel wat je ook krijgt als je je verdiept in de problematiek van dak- en thuislozen in Nederland… Mensen die dak- en thuisloos zijn willen het allerliefste toegang tot hun eigen slot, een eigen woning. Door de wijze waarop allerlei zaken georganiseerd zijn lukt het maar niet om daar te geraken. Een en ander heb ik op een rijtje gezet, leest u even mee?

Alles hangt samen en alles zit vast:

Om een postadres te krijgen moet je identiteit deugdelijk worden vastgesteld, dus moet je je kunnen legitimeren.

Een legitimatiebewijs kost geld.

Om een uitkering te krijgen moet je je kunnen legitimeren en een postadres hebben.

Zonder geld kun je geen verzekering betalen.

Zonder identiteitsbewijs kun je je alleen verzekeren als je wel een postadres hebt en een BSN nummer.

Zonder geld kun je geen woning betalen.

Zonder verzekering kun je eigenlijk geen zorg krijgen.

Voor sommige woonvormen zijn wonen en zorg aan elkaar gekoppeld: kun je alleen een woning krijgen als je zorg goed geregeld is.

Hoe geraken mensen hier uit? Als u oplossingen heeft hoe mensen hier uit kunnen komen dan verneem ik dat graag! Ik denk dat er al veel opgelost kan worden door deze mensen een gratis legitimatiebewijs te geven. Een legitimatiebewijs kost iets meer dan 5o Euro. Voor iets meer dan 50 Euro kunnen er weer meerdere deuren open gaan voor deze mensen. Hopelijk opent dit ook de deur van hun eigen woning.

Systeem drijft mensen tot verwarring!

bureaucratie

Gister (18 mei) werd in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek gehouden over het onderwerp ‘Verwarde personen’.  Kamerleden wilden graag informatie van mensen die in de praktijk actief zijn. Ook de Werkplaats MO nam deel aan dit gesprek.  Ervaringsdeskundige Edo Paardekooper Overman legde uit waar mensen met problemen tegenaan lopen en op welke wijze zaken beter zouden kunnen. Meer hierover in het Position Paper van de Werkplaats, deze vind je hier samen met de andere papers.

Deskundigen gaven eensgezind aan dat er momenteel heel veel mis gaat, niet goed geregeld is om mensen adequaat te kunnen ondersteunen.  Deze deskundigen doen een dringend appèl op politici om zeer spoedig verbeteringen te realiseren. Alle veranderingen van dit moment pakken voor zeer kwetsbare groepen heel slecht uit. Komende donderdag 21 mei spreekt de Tweede Kamer met minister Schippers over de GGZ. Een blik op mijn aantekeningen van het rondetafelgesprek  geeft een heel ernstig beeld:

  • De GGD in Amsterdam signaleert een verdubbeling van het aantal verwijzingen naar de GGZ. Een analyse van deze toename ontbreekt volgens de GGD.
  • De Opvang van Verwarde Personen in Den Haag signaleert dat 25% van de mensen die zij binnen krijgen onverzekerd is. De GGZ kan de kosten voor deze onverzekerden niet langer dragen. Na het bezweren van een crisis worden mensen direct weer op straat gezet.
  •  De NS heeft het druk met suïcides op het spoor. (Het aantal suïcides in Nederland neemt toe Zie artikel Volkskrant)
  • Het Landelijk platform Politie en GGZ geeft aan dat het aantal incidenten is gestegen en ook dat de ernst van de incidenten zwaarder wordt. De politie komt in veel situaties waarbij de politie denkt ‘wat doen wij hier? Hier is zorg nodig…’. Continuïteit van zorg en samenhang ontbreekt.
  • Er zijn aansluitingsproblemen tussen Zorgverzekeringswet en Wmo.
  • Ongeveer een derde van de dakloze mensen blijkt een verstandelijke beperking te hebben. (dit weet men al veel langer dankzij onderzoek van MEE en Federatie Opvang).
  • De Verslavingsreclassering geeft aan dat we moeten voorkomen dat het strafrecht het afvoerputje wordt voor de mensen die hulp nodig hebben. De reclassering moet wachten op een zwaarder delict alvorens de reclassering iets kan doen. De toegang tot GGZ en beschermd wonen moet beter geregeld worden vindt de Verslavingsreclassering.
  • Bedden afbouw in de GGZ vindt plaats voordat alternatieven (ambulante hulp en hulp in wijkteams) al functioneren.
  • Er zijn wachtlijsten in de GGZ.
  • Schuldhulpverlening functioneert slecht.
  • Cliëntenraad Victas vraagt zich af wie je huisarts of wijkteam is als je dakloos bent. Een verwijzing van de huisarts heb je sinds kort nodig om hulp te krijgen.

Allen geven aan dat drempels om hulp te krijgen weggenomen moeten worden. Het huidige systeem heeft meer onneembare bureaucratische drempels gecreëerd. In plaats van dat de zorg toegankelijker en preventiever is. Mensen worden nauwelijks ondersteund om hun eigen oplossingen te vinden en daarover in gesprek te raken, het tegendeel is gaande. Instellingen zitten klem door, soms slechts een ‘ervaren’, gebrek aan handelingsruimte. Mensen krijgen meer en ernstiger problemen en minder hulp. Mensen worden wanhopig en hebben minder of geen uitzicht op verbeteringen. Al deze zaken zouden met de verschillende betrokken ministeries in samenhang besproken moeten worden, dit is veel breder dan gezondheidszorg.

Gister spraken schrijfster en ervaringsdeskundige Myrthe van der Meer en manager Guusta van der Zwaart van de Tussenvoorziening ook over dit onderwerp in het programma RTL Late Night. Zie ook de blog van Malou van Hitum over dit onderwerp.

Werkplaats MO bestaat uit ervaringsdeskundigen en doet aan belangenbehartiging voor mensen die te maken hebben met Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, Verslavingszorg en Zwerfjongeren. 

Nieuwe wetten verslechtering medezeggenschap cliëntenraden!

Op dit moment is de wetgeving rondom medezeggenschap voor cliënten geregeld in de WMCZ (Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen). Hierin staat duidelijk wanneer een cliëntenraad ingesteld moet worden. Op welke informatie cliëntenraden recht hebben. Wat de plichten van een zorginstelling zijn. En waarover cliëntenraden zwaarwegend adviesrecht hebben. Ook hebben cliëntenraden de mogelijkheid om een geschil met de instelling voor te leggen aan een Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden. Mooi geregeld zou je zeggen… Mooi niet!

Wmo neemt medezeggenschapsrechten niet mee:                                   Per 1 januari verandert er het een en ander. Doordat een aantal soorten hulp van de AWBZ naar de Wmo gaan heeft dit ook gevolgen voor de medezeggenschap van deze soorten hulp. De medezeggenschap moet nu per gemeente geregeld worden. De rechten die cliëntenraden in de WMCZ hadden worden niet meegenomen! Het kan dus zo zijn dat de medezeggenschapsrechten van cliënten(raden) in jouw instelling of gemeente verslechteren! Bovendien heb je als cliëntenraad vaak te maken met meerdere gemeenten binnen jouw instelling, verschil in medezeggenschap per gemeente is erg onwenselijk. Dat kan toch niet de bedoeling zijn van al deze nieuwe wetten en transities die er juist op gericht zijn dat mensen meer te zeggen gaan hebben over hun eigen leven en mensen in hun kracht moeten komen en dergelijke. Bovendien valt in Nederland juist nog erg veel te verbeteren op het gebied van medezeggenschap, in het bijzonder van bepaalde groepen.

Nieuwe Jeugdwet: ouders en cliënten op een hoop                                   De Nieuwe Jeugdwet gaat ook gepaard met een medezeggenschapsverslechtering. De rechten vanuit de WMCZ zijn gelukkig wel meegenomen naar de Nieuwe Jeugdwet. Maar hier zit de kwetsbaarheid erin dat cliënten en ouders op een hoop worden geveegd. Ouders hadden eerst geen wettelijke medezeggenschapsrechten in de zorg, nu gelukkig wel. Maar dit mag niet ten koste gaan van de stem van jongeren zelf. Deze 2 zaken op een hoop vegen kan onduidelijkheid geven. En biedt de mogelijkheid om bijvoorbeeld ouders toe te voegen aan jongerenraden. Er zijn momenteel nog steeds jeugdinstellingen die geen jeugdmedezeggenschap gerealiseerd hebben. Maar die soms wel een ouderraad hebben die zich cliëntenraad noemt. (je noemt de ouderraad op school toch ook geen leerlingenraad?). Of cliëntenraden jeugd die voornamelijk uit ouders bestaan en die zich maar afvragen waarom zich niet meer jongeren aansluiten. Het gebeurd nog steeds. Oudermedezeggenschap is ook erg belangrijk, maar kan de stem van jongeren zelf niet vervangen. De belangen kunnen zo anders en soms zelfs tegenstrijdig zijn. Dat het belangrijk is dit uit elkaar te halen. Om zo ieder goed recht te doen. De wet zou hierin helpend moeten zijn.

Wat kunnen we doen?                                                                                             De wet moet gewoon verbeterd worden op deze punten. En zolang dat nog niet goed geregeld is kun je als cliëntenraad of cliëntenorganisatie nog je stem laten horen bij de gemeente. Zorg dat in de gemeentelijke verordeningen Jeugdhulp en Wmo, die momenteel in de gemeenten besproken worden en voor 1 november moeten worden vastgesteld deze zaken wèl goed geregeld zijn! Vraag om minstens gelijke rechten zoals geregeld in de WMCZ. (de WMCZ is overigens op een aantal punten ook aan verbetering toe). Zoek contact met je Wmo raad, cliëntenorganisatie en gemeente politiek. En probeer te voorkomen dat de medezeggenschap in jouw instelling en/of gemeente verslechterd. Misschien kunnen we ook zichtbaar maken waar medezeggenschap wel goed geregeld is, deze gemeenten kunnen als goed voorbeeld dienen.

Onder andere LOC (Landelijke Organisatie Cliëntenraden) maakt zich ook erg zorgen om een verslechtering van de medezeggenschap van cliënten(raden). Er is nog geen website www.watveranderderinjouwmedezeggenschap.nl hopelijk is een dergelijke site ook niet nodig. En komt de regering tot besef dat de medezeggenschap beter geborgd moet worden. 9 Oktober is er een Algemeen Overleg over de Wmo. Hopelijk onderneemt men nog actie in het voorkomen van een medezeggenschapsverslechtering.

Afbeelding

Do’s en don’ts jongereninspraak transitie Jeugdhulp

wordle transitieMomenteel zijn veel jongeren en cliëntenraden vanuit de verschillende Jeugd sectoren druk bezig om mee te denken over ‘de transitie’. Vaak worden hiertoe bijeenkomsten georganiseerd waar jongeren hun mening kunnen geven. Deze bijeenkomsten zijn niet allemaal even goed ingesteld op jongeren… Jammer, want jongeren kunnen een inhoudelijk erg waardevolle bijdrage leveren als zij daartoe goed in staat worden gesteld. Om u op het nippertje nog iets meer op weg te helpen hier nog wat do’s en don’ts uit de praktijk:

 

Hoe niet?

Moeilijke papieren: Jongeren een berg moeilijke papieren laten lezen. (beleidsplan, verordening etc. ga er maar aan staan). Jongeren kunnen afhaken omdat ze het teveel leeswerk vinden. Of begrijpen het niet goed. Worden er onzeker van. Of hebben geen tijd hiervoor. (ze zijn vrijwilliger en hebben ook nog andere bezigheden!). Of zien de berg moeilijke papieren en komen daardoor al niet naar de bijeenkomst. Als je dan ook nog eens helemaal niet aan bod komt, of er niks van hebt begrepen, waarom heb je dan die berg papier doorgeworsteld?!

Gemixte bijeenkomsten met jongeren en ouders vallen niet bij alle jongeren in goede aarde. Jongeren vinden ouders al gauw overheersend. Zien zaken heel anders. Of voelen zich niet vrij om zelf ook wat te vertellen doordat er ouders bij zijn. Of jongeren voelen zich gekwetst door hetgeen ouders zeggen. Standpunten kunnen ook tegenstrijdig zijn, dat kan zaken lastig of ingewikkeld maken. Doorgaans is de verhouding jongeren-ouders vaak ook erg scheef. (2 jongeren op 40 volwassenen waaronder veel ouders bijvoorbeeld).

Locatie: In een grote formele zaal met veel mensen iets vertellen kan best spannend zijn. Laat staan als het over moeilijke, kwetsbare en persoonlijke dingen gaat. Locaties zijn niet altijd makkelijk bereikbaar. Soms hebben jongeren een enorme reistijd om naar een bijeenkomst te komen. (3u reistijd voor een bijeenkomst waar je misschien niet eens je mond hebt open kunnen doen).

Groepjes: Vaak wordt er in groepjes gewerkt. Dit zijn soms erg grote groepen, waarin je maar kort tijd hebt om je zegje te doen. Eventueel ook gemixt met ouders en andere volwassenen. Soms komen jongeren helemaal niet aan bod. Door de veelheid mensen die allemaal iets willen zeggen. Gespreksleiding is niet altijd gewend om met jongeren te praten, en hen tot hun recht te laten komen.

Waar mag je over meepraten? Vaak wordt vooraf bepaald waar je iets van mag vinden, in plaats van dat je zelf mag bepalen waar je iets over wil zeggen.

Jargon: veel bijeenkomsten en plannen zijn doorspekt van jargon. Geef in begrijpelijke taal aan wat je bedoelt, niet iedereen kent alle afkortingen en begrippen! Jongere: “we zitten hier niet in de 2e kamer…!” 

Terugkoppeling: Jongeren zien niet altijd terug dat er iets met hun inbreng wordt gedaan. Dan vraag je je af of het wel zin heeft om mee te praten.

Tijdpad: Het tijdpad voor inspraak, meepraten en dergelijke is vaak erg krap. Of je volgende week even een uitgebreide reactie klaar hebt over het ingewikkelde beleidsplan van 50 pagina’s waar je nog niks van snapt…

Veel werk: Jongeren hebben wel meer te doen! Cliëntenraden zijn er voor de belangenbehartiging en medezeggenschap van cliënten in hun eigen instelling. Dat op zich is al heel veel werk! Allerlei overstijgende zaken, zoals rondom de transitie met gemeentes praten komt daar nog eens bij. Sommige cliëntenraden hebben zelfs te maken met meerdere transitieregio’s, dus meermalen hetzelfde inspraaktraject doorlopen, wat net overal even anders is. Zodat je je toch meermalen moet verdiepen in de regionale situatie. En de cliëntenraden krijgen niet extra tijd of ondersteuning voor al deze extra bezigheden. Het gaat hier om kwetsbare jongeren die vrijwilligerswerk doen, en nog heel veel andere zaken aan hun hoofd hebben in hun jonge leven. Ze zijn geen doorgewinterde fulltime beleidsmedewerkers.

Privacy: Maak niet ongevraagd foto’s en zet dit ook niet ongevraagd op Twitter!

Kwetsbaarheid: Breng jongeren niet in verlegenheid, sommige vragen kunnen te confronterend zijn.

Hoe wel?

Verwachtingen: Zorg dat jongeren van tevoren goed weten wat ze kunnen verwachten.

Duidelijke uitleg: Maak een goede samenvatting die begrijpelijk is. En leg een en ander nog eens goed uit in een presentatie. Je hebt mensen die meer visueel ingesteld zijn, of mensen die liever zelf lezen, of mensen die liever luisteren. Voor elk wat wils… Beperk je tot de kern. En zorg dat mensen de essentie begrijpen.

Vroegtijdig betrekken: Betrek jongeren vroegtijdig op inhoud. En niet pas als alle plannen eigenlijk al gemaakt zijn.

Regie: Laat jongeren zelf de regie hebben: waar willen zij graag over praten. Wat missen ze, vinden ze belangrijk enz.

Terugkoppeling: Laat zien wat je met de inbreng van jongeren hebt gedaan.

Tijdsinvestering: Realiseer je wat een werk het is voor jongeren om zich in bepaalde zaken te verdiepen.

Veiligheid: Creëer veiligheid voor kwetsbare jongeren. Geef jongeren de ruimte om zelf hun grenzen goed aan te geven. Jongeren vinden het vaak fijn als ze met andere jongeren in een groepje zijn. Dit wordt vaak als veiliger ervaren dan wanneer ze alleen met volwassenen aan tafel zitten. Zorg voor een gespreksleider die gewend is om met jongeren in gesprek te zijn en een veilige setting kan creëren. En zorg dat de vertrouwde ondersteuner er bij kan zijn.

Succes! Ik ben benieuwd naar jullie ervaringen!

Informatie armoede

Nu ik zwanger ben krijg ik te maken met allerlei zorgverleners en procedures. Het laat me weer even ervaren hoe het is om wat betreft informatie afhankelijk te zijn van wat er toevallig aangereikt wordt.  En hoe belangrijk goede en volledige informatie is.

Keuzes maak je door alles af te wegen. Wat je voelt en misschien zelf al weet en ervaren hebt. Maar ook wat je aan informatie leest of wat je verteld is. Dit maakt het des te belangrijker dat je zo goed en volledig mogelijk geïnformeerd bent.  Immers je zult niet zo snel vragen naar iets waarvan je het bestaan niet weet.

Er is tegenwoordig over zoveel zaken zoveel informatie te krijgen. En toch maken heel veel mensen keuzes gebaseerd op onvolledige informatie. Of ziet men door de informatiebomen het bos niet meer. Je kunt natuurlijk niet altijd alles weten, dat begrijp ik ook wel. Maar instanties en zorgverleners zouden zich hiervan wel meer bewust moeten zijn en aandacht voor moeten hebben. Bovendien heb je bij veel bealngrijke beslissingen vaak helemaal geen tijd om je er uitgebreid in te verdiepen en op informatie-zoektocht te gaan.

Tijdens mijn zwangerschap struikel ik over de concrete voorbeelden; Bijvoorbeeld bij het gebruik van de doptone: er zijn erg verschillende berichten over het gebruik van de doptone (om het hartje van de baby te luisteren). De wetenschap is er nog niet uit of de geluidsgolven schadelijk zijn voor je kindje. Dit wist ik niet! Ik had graag gewild dat de verloskundigen mij dit hadden verteld alvorens het apparaat op mijn buik te zetten. Zodat ik zelf de keus had kunnen maken om met een houten toeter naar het hartje te laten luisteren. Pas toen ik dit zelf in een boek had gelezen schrok ik hiervan en heb gevraagd of ze voortaan de houten toeter wilden gebruiken.

Vaak zijn er ook prima alternatieven en hulpmiddelen voor officiële medicijnen.  Soms ook kan het helpen om even helemaal niks te doen en te wachten. Deze ‘andere’ keuzes worden je in de medische wereld vaak niet aangereikt. Als men bijvoorbeeld weet dat je tijdens een bevalling veel baat kan hebben bij een bad, waarom wordt dit dan niet standaard aan iedereen aangereikt in een ziekenhuis?

Ik mis zoveel zaken als ik de standaard folders en brochures bekijk. Waarom geven die zo’n eenzijdig beeld? De echt goede boeken waar ik betreft mijn zwangerschap echt wat aan had zijn toevallig op mijn pad gekomen. De informatie die ik daarin las had ik voor geen goud willen missen en heeft mijn visie op bevallen erg gevormd. (‘Vrije geboorte’ en ‘Gentle birth, gentle mothering’).

Natuurlijk heb je zelf een verantwoordelijkheid in het tot je nemen van informatie die bij je past. Maar het kan je wel veel tijd, energie en teleurstelling besparen als hier vanuit instanties, zorgverleners en overheid meer aandacht voor is. De informatie die je bijvoorbeeld in een ziekenhuis krijgt is al zoveel afgestemd op de zienswijze van het ziekenhuis, waardoor je soms niet altijd in staat wordt gesteld om weloverwogen keuzes te maken. Daarbij speelt vaak ook nog een rol dat je erop vertrouwt en ervan uitgaat dat je de juiste en volledige informatie krijgt.

Voor cliëntenraden zou kwalitatieve en vollediger informatie dan ook een belangrijk speerpunt moeten zijn. Immers pas dan worden cliënten in staat gesteld om zelf weloverwogen keuzes te maken over hun eigen leven. Veel meer dan wat je toevallig krijgt aangereikt of op je pad komt, of waarvan een ander denkt dat het goed voor je is.

Gebruiksruimten

Gelukkig ontstaan op steeds meer plekken in Nederland gebruiksruimten. Plekken waar mensen met een verslaving veilig, warm, schoon en droog kunnen gebruiken. Belangrijke doelstellingen zijn het beperken van gezondheidsschade bij drugsgebruikers en het verminderen van overlast.

Instellingen voor Maatschappelijke Opvang, verslavingszorg en gemeentes buigen zich al jaren over het onderwerp gebruiksruimten. Soms gaat men hierover in gesprek met ervaringsdeskundigen die weten waar zij over praten. Soms worden cliënten, ervaringsdeskundigen en cliëntenraden geheel niet betrokken bij beslissingen en discussies rondom gebruiksruimten.  Dat is jammer want zij zijn juist dè deskundigen die een relevante inbreng kunnen hebben bij het bespreken van dit soms best ingewikkelde onderwerp.

Ervaringsdeskundigen kunnen uit eigen ervaring uitleggen waarom een gebruiksruimte bij kan dragen aan een betere kwaliteit van leven.  Iets wat uiteindelijk alle mensen willen.  Ook kunnen zij vooroordelen uit de wereld helpen door mensen meer kennis en begrip bij te brengen over leven met een verslaving.

Het Trimbos instituut heeft een update gemaakt van een reeds in 2002 ontwikkelde handreiking ‘Gebruiksruimten in Nederland’. Deze handreiking geeft veel inzicht in de werkwijze en het nut van gebruiksruimten.  De handreiking is gratis te downloaden. 25 november 2011 organiseert Stichting Mainline een interessante mini-conferentie over ‘Harm reduction’ waar Agnes van der Poel van het Trimbos instituut de handreiking toe zal lichten.

Het valt mij op dat er online weinig actuele kennis te vinden is over gebruiksruimten. Vandaar dat ik op deze manier deze nuttige handreiking extra onder de aandacht wil brengen. Zodat gemeentes, instellingen, Wmo-raden en cliëntenraden deze informatie ook kunnen en gaan gebruiken bij beslissingen in hun eigen gemeente of instelling over gebruiksruimten.